Volgens de boeken gaat de oorsprong van het ras terug naar ongeveer 800 jaar voor Christus.
Uit Tibet komen tal van hondenrassen die door de monniken werden gefokt, zoals de Tibetaanse Matiff, Tibetaanse Terrier, Tibetaanse Spaniel, Shih Tzu en de Lhasa Apso. Al deze rassen zijn goed bestand tegen het koude klimaat van Tibet.
Vroeger werd gesproken over de Apso, wat betekend “geheel bedekt met haar” .
Het betrof twee typen, de grote Apso en de kleine Apso, later werd dit de Tibetaanse Terrier en de Lhasa Apso.
In deze tijd werd nog niet gesproken over raszuiver en zo werden dan ook vaak de rassen door elkaar gehaald.
In 1901 werd door Sir Lionel Jacob de eerste standaard opgesteld voor de Lhasa Apso, en daarna werden de honden volgens deze standaard gefokt.
In Lhasa de hoofdstad van Tibet en omstreken zijn daarom nog steeds goede kennels te vinden van de Lhasa Apso.
De eerste afbeeldingen stammen uit 800 voor Christus toen de Lhasa Apso nog Leeuwenhondje werd genoemd. Er bestaat een Mythe dat Boeddha begeleid werd door leeuwenhondjes. De leeuw is een teken van macht, de troon van de Dalia Lama wordt dan ook door 8 leeuwen gedragen.
De Lhasa Apso werd dan ook als erg kostbaar gezien, en was dan ook vaak een kostbaar geschenk dat vaak werd aangeboden door de Dalai Lama die deze dan zegende.
Pas in 1928 kwam de Lhasa Apso naar Europa. Het was Mrs Bailey die een aantal Lhasa’s meenam naar Engeland, zij was echtgenote van de Britse ambassadeur in Tibet.
Hier werd in Engeland verder mee gefokt tot de hedendaagse Lhasa Apso.
Door deze aanschaf hebben ook in Nederland fokkers het ras naar hier gehaald.
In de 80er jaren zijn er dan ook steeds meer fokkers van dit ras bijgekomen en werden er ook steeds meer Lhasa Apso’s als Huishond aangeschaft